Het wemelt in de mei van blonde kleinen

nabij de veldkapel.

De takken van de grote linde deinen

rondom de veldkapel.

Maria hoort de zoete litanieën

der boerenkind’ren en der honingbieën.

Ave Maria, ave Maria.

 

Een paradijs van bloemen ziet men spruiten

nabij de veldkapel.

Terwijl de vogels in de takken fluiten

rondom de veldkapel.

Maria hoort in ‘t heilig avondzwijgen

een jubelpsalm van nachtegalen stijgen.

Ave Maria, ave Maria.

 

Het koele dorpken ademt niets dan vrede

nabij de veldkapel.

Zijn sluimer is een enk’le reine bede

rondom de veldkapel.

Maria hoort, terwijl de sterren glanzen

de naklank van de laatste rozenkransen.

Ave Maria, ave Maria.

 

We gaan een beetje chauvinistisch doen en iemand van bij ons aan het woord laten. Waar heel vaak het lied vernoemd wordt naar de eerste woorden van de tekst is dat hier niet het geval. Het lied roept een heel landelijk tafereel op dat voor mij heel herkenbaar is. Want in de meimaand trokken wij als kinderen met familie en buren elke avond, met of zonder goesting, naar ‘Lindjekapel’ in de Lindekapelstraat in Hoeselt zo wat een kilometer van thuis. En heel vermoedelijk is de tekst geïnspireerd op deze kapel die er nog altijd staat.

 

Tekstschrijver

De tekstschrijver is Lambrecht Lambrechts een schrijver uit Hoeselt waar hij werd geboren op 24 september 1865. Zijn vader was hier hoofdonderwijzer en zijn eerste muzieklessen kreeg hij van de koster van Werm. Hij studeerde regentaat Nederlands-Engels in Brugge, volgde later ook muziekles aan het conservatorium van Luik en stond op verschillende plaatsen in het onderwijs. Hij overleed in Gent op 13 augustus 1932. Een jaar later werd zijn lichaam overgebracht naar het kerkhof van zijn  geboortedorp.

Hij was schrijver van meer dan 400 liedteksten waar onder andere Armand Preud’homme en Emiel Hullebroeck muziek op zetten. Een gekende liedtekst van hem is ‘Omdat ik Vlaming ben’. Onder verschillende pseudoniemen – R. L. Doornkapper (Doornkapper is de bijnaam van de Hoeselaren), Jan Van Hasselt en J. Herten – was hij samensteller van liedboeken, schrijver van gedichten, novellen en romans.

 

Componist

De muziek voor dit lied werd geschreven door de bekende Vlaamse componist Remi Ghesquiere die in 1866 werd geboren in Geluwe (Wervik) en zou overlijden in Brugge in 1964. Hij behaalde het diploma van onderwijzer en organist aan de normaalschool in Torhout. Hij werd organist van de Kortrijkse Onze-Lieve-Vrouwekerk waar Guido Gezelle kapelaan was. Hij volgde ook les aan het conservatorium in Gent. Naast orgelmuziek en pianowerken schreef hij uitsluitend vocale muziek die kaderde in de (katholieke) Vlaamse Beweging en veelal een pedagogische, strijdende of religieuze dimensie had: liturgische werken, geestelijke liederen – onder andere op tekst van Gezelle, zoals ‘O Maria die daar staat’, –  koren, strijdliederen – onder andere het populaire ‘De trommel slaat, de fluite gaat’, gezongen kindertoneeltjes, cantates en zangspelen.

 

De tijd van nu

Of het lied nog vaak gezongen wordt is moeilijk in te schatten maar feit is dat het nog vele herinneringen oproept bij oude mensen. En op een of andere wandeling voorbijlopend aan een veldkapel zal de melodie nog wel eens opborrelen.

Trouwens Vlaanderen heeft nog altijd een massa grotten, veld- en andere kapelletjes door sommigen geschat op zo’n 15.000. Maar anderen beweren dat dit een zware onderschatting is. Men is bezig aan een inventarisatie. We gaan er nog van horen.

 

Rik Palmans